|
Raadsvergadering 18 februari 2010
MOTIE Agendapunt: D7/B2; vaststelling Bestemmingsplan Buitengebied 2010
Indiener: de gezamenlijke raadsfracties
De raad van de gemeente Dinkelland;
In vergadering bijeen op 18 februari 2010;
Overwegende
Dat ter vaststelling door de raad voorligt het Bestemmingsplan
Buitengebied 2010 en bijbehorende planMER;
Dat met de vaststelling van dit bestemmingsplan een groot
en voor de gemeente Dinkelland essentieel project succesvol wordt afgerond;
Dat zich in de aan de vaststelling van dit plan voorafgaande
voorbereidingsprocedure een groot aantal belanghebbenden hebben gemeld
in de vorm van reacties en zienswijzen;
Dat veruit de meeste van deze reacties en zienswijzen op
voor de belanghebbenden bevredigende wijze zijn verwerkt;
Dat echter ook een beperkt aantal reacties en zienswijzen
niet op de door betrokken belanghebbenden gewenste wijze is gehonoreerd,
omdat de aan het bestemmingsplan ten grondslag liggende systematiek en
beleidskaders dit niet toestaan;
Dat dit inherent is aan de totstandkoming van een omvangrijk
besluit als een bestemmingsplan buitengebied;
Dat er desondanks ten tijde van de vaststelling van het
bestemmingsplan nog een aantal individuele knelgevallen resteert dat bijzondere
aandacht vraagt,
Spreekt uit
Van oordeel te zijn dat de na vaststelling van het Bestemmingsplan
Buitengebied 2010 de thans nog resterende individuele knelgevallen bijzondere
aandacht behoeven van het college, gericht op de oplossing ervan binnen
de aan het plan ten grondslag liggende wettelijke voorschriften, systematiek,
beleidskaders en beleidsuitgangspunten;
Van oordeel te zijn dat individuele belanghebbenden die
op het moment van vaststelling van dit plan in de vorm van een gerechtelijke
procedure in geschil zijn met de raad, het college of de gemeente, voor
wat betreft belangen en rechten waarover in een thans lopende procedure
een rechterlijk oordeel wordt gevaagd, door de vaststelling van het Bestemmingsplan
Buitengebied 2010 niet in een nadeliger positie geraken dan waarin zij
zouden verkeren indien dit plan niet zou worden vastgesteld;
En draagt het college op
I. aan de thans in het kader van dit bestemmingsplan nog
resterende individuele knelgevallen bijzondere aandacht te besteden en
deze binnen de aan het Bestemmingsplan Buitengebied 2010 ten grondslag
liggende wettelijke voorschriften, systematiek, beleidskaders en beleidsuitgangspunten
correct af te wikkelen;
II. er zorg voor te dragen dat individuele belanghebbenden
die op het moment van vaststelling van dit plan in de vorm van een gerechtelijke
procedure in geschil zijn met de raad, het college of de gemeente, voor
wat betreft aspecten waarover in een thans lopende procedure een rechterlijk
oordeel wordt gevaagd, door de vaststelling van het Bestemmingsplan Buitengebied
2010 niet in een nadeliger positie geraken dan waarin zij zouden verkeren
indien dit plan niet zou worden vastgesteld.
En gaat over tot de orde van de dag.
Dinkelland, 18 februari 2010
De gezamenlijke raadsfracties CDA, Lokaal Dinkelland, PvdA
en VVD.
|